zondag 7 februari 2010

De Franse Gemeenschap gedraagt zich op een onverantwoorde manier: quo vadis?

 

Dossier samengesteld door het Vlaams Geneeskundigenverbond (VGV), 02/02/2010.


Vlaamse Gemeenschap

arts

tandarts

85% arts

85% tandarts

KULAK

82

 

69,70

 

KU Leuven

364

67

309,40

56,95

U Antwerpen

102

 

86,70

 

U Gent

325

53

276,25

45,05

U Hasselt

90

 

76,50

 

VUB

71

 

60,35

 

totaal Vlaamse Gemeenschap

1034

120

878,90

102

contingent Vlaamse Gemeenschap

738

96

738

96

 

Franse Gemeenschap

arts

tandarts

43% arts

43% tandarts

Mons

222

 

95,46

 

Namur

495

 

212,85

 

UCL

779

206

334,97

88,58

ULB

573

158

246,39

67,94

Ulg

539

117

231,77

50,31

totaal Franse Gemeenschap

2608

481

1121,44

206,83

contingent Franse Gemeenschap

492

64

492

64

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Er is al veel inkt gevloeid over de contingentering, numerus clausus, ingangsexamen geneeskunde en tandarts, uitgangsexamen kinesitherapie.

 

In de goede tien jaar dat de federale contingentering bestaat werd ze van meet af aan opgehoogd van 600 naar 650 naar 700, vervolgens 833, daarna 1025 en nu 1230. De federale contingentering werd dus al meer dan verdubbeld en nog willen de Franstaligen een federale oplossing voor hun probleem: lees het opblazen van de contingentering.

 

Je zou dan verwachten dat deze gemeenschap toch iets gaat ondernemen om problemen in de toekomst te vermijden?

 

Niet zo, dat leren we uit een rondvraag aan de Belgische universiteiten over het aantal eerstejaars geneeskunde dit academiejaar 2009-2010.

 

De totale populatie eerstejaars geneeskunde in de Vlaamse Gemeenschap bedraagt (na een ingangsexamen) 1034 studenten.

Het lijkt ons redelijk aan te nemen dat 85% slaagt: 879 studenten zullen naar het tweede jaar gaan. We baseren ons hierbij op een uitspraak van Daniël van Steenberghe, voorzitter van het comité die het ingangsexamen organiseert (1). Rekening houdend met een klein aantal dat nog zal afvallen en een aantal artsen die niet zullen meetellen voor het contingent (preventieve sector, wetenschappelijke activiteiten, activiteiten in de medische industrie), zit Vlaanderen min of meer op schema. Het quotum bedraagt 738.

 

De totale populatie eerstejaars geneeskunde in de Franse Gemeenschap bedraagt 2608 studenten. Er is geen beperking.

Het lijkt ons redelijk aan te nemen dat hiervan 43% slaagt: 1121 studenten geneeskunde zullen bijgevolg naar het tweede jaar gaan (2). De ervaring leert dat er nog wat afvallen en dat net als in Vlaanderen er een aantal niet meetellen voor de quota. Het quotum bedraagt 492!

 

Voor de tandartsen hetzelfde verhaal: de Vlaamse Gemeenschap voldoet aan de eisen van de planningscommissie en de Franse Gemeenschap lapt het aan haar laars: 207 studenten tandarts in de Franse Gemeenschap zullen het tweede jaar halen terwijl het quotum slechts 64 bedraagt!

 

Het VGV houdt al jaren lang vast aan de contingentering. Desondanks werd steevast op vraag van de Franstaligen het contingent aangepast aan hun noden.

Het subjectieve gevoel bestaat meer en meer dat er in Vlaanderen een tekort dreigt aan bepaalde artsen: huisartsen psychiaters, hematologen, kinderpsychiaters… Gezien het feit dat Vlaanderen kiest voor een huisartsgestuurde gezondheidszorg, moeten we dringend een kadaster hebben voor Vlaanderen: wie doet wat en hoeveel. Vervolgens moeten we plannen in functie van de noden voor VlaanderenVlaanderen moet dus bijgevolg zijn eigen gezondheidsbeleid kunnen bepalen.

 

Een andere optie is de meer cynische: schaf het ingangsexamen af, laat de gezondheidszorg overspoelen met Vlaamse artsen en melk die federale koe, net als de Franstaligen, leeg. Misschien zullen we dan nog sneller een Vlaamse Gezondheidszorg hebben, dan die proberen te bekomen door ons verantwoordelijk op te stellen.

 

 

 

(1)      85 tot 90% slaagt in eerste bachelor (De Standaard 8/7/2009) (PRO: Daniel van Steenberghe voorzitter van het toelatingsexamen) Naar artikel

(2)     Journal du Médecin, 31/08/2007 numéro 1853, 500 étudiants en médecine toujours en attente. Interview met de heer Simonet, minister van hoger onderwijs.